Ik beloofde een vervolg op de eerste post over Lapland, en kijk eens hier!
De setting is nog steeds een bevroren landschap in noordelijk Zweden; de temperatuur schommelt tussen 2° boven en 16° onder het vriespunt.

Zaterdag: ice ice baby

Overnachten in een ijshotel is zo typisch iets wat je één keer in je leven moet doen, al is het maar omdat je niet elke dag de kans krijgt om je innerlijke yeti te manifesteren. Wij mochten ons neervleien in het Iglootel in Arjeplog, dat volledig gebouwd is uit sneeuw (dus niet uit ijs) en de gezelligste kamers heeft die je je maar kan voorstellen bij een hotel waar de temperatuur permanent -4° celsius bedraagt. In elke igloovormige kamer kunnen 6 mensen de nacht doorbrengen, op rendiervellen die gelukkig wel op een normale matras liggen. Elke kamer is voorzien van mooie motieven in de sneeuwwand en van gezellige ledverlichting (ik wist niet dat dat kon, led en gezellig in 1 zin).

koud slapen in een iglo

slapen in een iglo

kamer iglo hotel

Ze sturen je natuurlijk niet met je negligeetje de iglo in. Je krijgt bij het inchecken een dikke winterslaapzak, een fleece liner, een opblaasbaar kussentje, en de raad om te gaan slapen met thermisch lang ondergoed (maar geen extra lagen), sokken en vooral ook een muts, om te voorkomen dat alle warmte langs je hoofd ontsnapt.

Je tas mag je achterlaten in een verwarmde containerruimte, zodat je ’s ochtends je broek niet breekt bij het aantrekken ervan. Eens je ook de ijsbar (wiskeyshotjes uit ijsglazen!), de party-iglo, de BBQ-iglo (met gat in het plafond), en de sauna aan een nader onderzoek hebt onderworpen, zit er niks anders op dan in je slaapzak te kruipen.
Eerste keer dat ik in niks dan thermisch ondergoed, sokken en een muts door de gangen van een hotel liep, maar goed, voor alles een eerste keer natuurlijk.

bar iglo hotel

hot tub lapland zweden


In slaap geraken ging moeizaam in mijn geval. Hoe goed je de twee slaapzakken ook probeert dicht te snoeren; bij elke beweging komt een gulp ijskoude lucht binnen langs je nek. Brrrr. Die lucht is, ongeacht de buitentemperatuur, altijd -4°. Zelfs voor iemand die ’s winters met het raam open slaapt is dat toch behoorlijk frisjes te noemen. Je ligt daar dan, in plaats van schaapjes wolkjes te tellen die je bevroren adem vormt, en uiteindelijk val je toch in slaap.

Ik had kunnen weten dat mijn miniblaas moeilijk ging doen, want om 3u ’s nachts protesteerde die. Nog 4u wachten ging niet lukken. Blasted. Een toilet run bij -4° is niet bepaald aangenaam, laat staan de worsteling om met verkleumde vingers terug in die twee slaapzakken te geraken. Al een geluk dat ik hier een diploma voor gekregen heb!

Voor het comfort moet je het niet doen, maar het is absoluut een ervaring, eens in zo’n iglo slapen. Prijsgewijs valt het al bij al nog mee, zeker in vergelijking met het bekendere ijshotel. Maar het blijft toch €100 om in een slaapzak in de vrieskou te liggen maffen. :)

(Ik filmde ook een beetje in het Iglootel, in Instagram Stories-formaat dus verticaal. Klikken om te zien!)

Zondag: en route pour le poolcirkel!

Van alle plaatsen ter wereld koos ik natuurlijk het poolgebied om mijn sjaal te verliezen. Maar zelfs met een bevroren hals is het wel speciaal om die denkbeeldige lijn te passeren. De baan ging ook de hoogte in, boven de boomgrens, heel ruig. Met momenten moeilijk te zeggen waar de hemel stopte en de bergen of de weg begonnen. In deze witte waas reden we voorzichtig de Noorse grens over. Net nadat ik vanochtend Zweedse postzegels kocht voor op mijn kaartjes – mijn hoofd werkt echt niet zo goed vandaag.


Onze eindbestemming was Bodø (spreek uit: ‘Boedu’) aan de Noorse kust, en om daar sneller te geraken van aan de Zweedse grens namen we de trein uit Lønsdal. Treinreizen hebben sowieso hun charmes (met uitzondering van woon-werkgependel) maar als de rit je door dit dergelijk landschap voert is het wel extra magisch – ik kwam ogen tekort. Gletsjermeren, fjorden, kleine dorpjes met rode huisjes, majestueuze bergen,…
De locomotief is voorzien van een ploeg om sneeuw van het spoor te ruimen. Van achter het raampje zie je dus de sneeuw in grote wolken opstuiven langs de flanken van de trein, als een extra Instagramfilter op het prachtige uitzicht.
Het station in Lønsdal krijgt een bijzondere vermelding voor quirkiness: een rood houten gebouwtje in de sneeuw, verwarmd door een gietijzeren kachel die de oorlog nog moet meegemaakt hebben, en bevolkt door weekend-trippers met ski’s en indrukwekkende hiking gear.

IMG_5224

Bodø: stad boven de poolcirkel

Bodø zelf is een speciaal klein stadje, niet bepaald mooi of charmant maar wel goed gelegen voor mensen die dit deel van Noorwegen willen verkennen. De Nordland-treinroute start hier, en de Lofoten-eilanden zijn maar een paar uur op de Hurtigruten-boot verwijderd. Eens geïnstalleerd in ons hotel aan de oude haven, gingen we op een korte tour van de binnenstad. De belangrijkste (winkel)straten worden hier met elektrische vloerverwarming ijsvrij gehouden, ook origineel!

bodo haven

In de winter vindt hier het UpNorth urban art festival plaats; in de winter blijven gevels vol streetart daarvan als stille getuigen achter. Er zit zelfs een werk van de Antwerpse street artist Dzia bij:

Golden Eagle by Dzia - Foto Ernst Furuhatt

Mijn persoonlijke favoriet was ‘After School’ van de Russische Rustam:

After School by Rustam
Een cocktail in één van de twee sky-bars die de stad rijk is, leek ons de ideale afsluiter van ons vijfdaags tripje. Helaas waren de bars van zowel het Radisson Blu als van het Scandic Havet-hotel gesloten op zondagavond, wat een idee. Dus bleef het bij een lekker etentje in restaurant Björk, in de volledig overdekte hoofdstraat Storgata. Stokvis blijkt, indien goed klaargemaakt, een echte delicatesse. En met één garantie: je zit de hele nacht met dat liedje in je hoofd (“Handjes draaien…”).

Addendum: de jacht op het noorderlicht

Je herinnert je misschien mijn mislukte poging om het noorderlicht te zien in IJsland. Op deze trip moest het lukken, ik was het zeker! Vijf dagen (en nachten) in winters Lapland, het gedroomde scenario. Maar helaas. Het was zo mooi geweest om de lichtjes te zien dansen vanuit de hot tub, of van aan de iglo. De voorlaatste avond was veelbelovend, met een witte sliert langs de horizon waarvan de Zweedse Stina ons zweerde dat het noorderlicht was, en dat het wolkachtige lint met wat geluk plots zou overgaan in een groen. Quod non. Ons hotel in Bodø voorzag me als troostprijs van een noorderlicht-themed bed, dat was wel sympathiek.


Ik troost mezelf met de gedachte dat zelfs dé Bill Bryson zestien dagen in Hammerfest moest rondhangen om het fenomeen te mogen aanschouwen (hilarisch boek trouwens, warm aanbevolen!). Ik lees dat ook Tjoolaard het befaamde natuurspektakel pas bij zijn vierde poging te zien kreeg.
Dus er is nog hoop! And if anything is het een schitterende reden om snel nog eens terug te keren naar deze noordelijke regionen…